Families [Van] Bolhuis
Nieuwsbrief september 2005


Voor deze nieuwsbrief heb ik geen speciaal onderwerp. Ik heb overwogen een overzicht te maken van activiteiten die [Van] Bolhuizen ondernamen in de oorlog, en dan kun je vertellen over de naamgenoot die deelnam aan de landing in NormandiŰ, maar er zijn ook minder verheffende verhalen, zoals de man die zijn broer zou hebben aangegeven bij de Duitsers. Iets dergelijks kun je natuurlijk alleen in de genealogie verwerken met toestemming van de directe familie. Verschillende verhalen kon ik niet bevestigd krijgen. Intrigerend blijft natuurlijk de man die na de oorlog wegens collaboratie werd ge´nterneerd, maar waarvan ik de naam ook tegenkwam bij het NIOD op een na de oorlog opgestelde lijst van leden van een verzetsgroep. Ik hoop nog altijd dat zijn zoon het dossier opvraagt uit het archief van de Bijzondere Rechtspleging want dit moet tijdens zijn proces toch ook aan de orde zijn gekomen. De indruk is overigens bij mij blijven hangen dat in sommige gevallen die processen meer Bijzonder dan Rechtspleging waren.
En zo kom ik toch nog een thema voor deze nieuwsbrief: privacy.


Privacy
Grondregel is dat iedereen eigenaar is van zijn eigen gegevens. Ook wanneer ik informatie uit een openbare, voor iedereen toegankelijke, bron haal, b.v. uit een krantenartikel, zal dat niet in de genealogie verwerkt worden wanneer die persoon in kwestie daar bezwaar tegen maakt. Jammer, want juist achtergrond verhalen maken de genealogie interessant, maar dat recht heeft iedereen nu eenmaal. En het kan natuurlijk niet zo zijn dat iemand beschadigd wordt omdat ik een hobby heb, Als ik goed ben ingelicht mag volgens de wet alleen correctie of verwijdering van gegevens worden gevraagd door de persoon zelf. Dat is naar mijn gevoel te eng. Kinderen moeten ook invloed hebben op de informatie over hun (overleden) ouders.
Dan begint al wel mee te spelen wat voor informatie het betreft. Ik kan me voorstellen dat iemand niet gepubliceerd wil hebben dat zijn moeder zelfmoord pleegde. Ik verzin maar een voorbeeld. Maar het weergeven van een krantenartikeltje dat er is ingebroken in de woning van een Bolhuis ligt anders.
Het echt gebeurde geval dat iemand wilde dat informatie over haar zuster weggelaten zou worden (en bij voorkeur de zuster zelf ook), terwijl die zuster zelf de informatie (die alleen over haarzelf ging) verschaft had, gaat duidelijk te ver.
Ik kom tegen dat mensen alleen de goede en mooie dingen terug willen zien in de genealogie. Of zaken mooier voorstellen dan ze zijn. Dat probeer ik te voorkomen. Ik probeer een eerlijk beeld te geven. Ik probeer ik na te gaan of de verhalen kloppen. Of verschillende familieleden hetzelfde verhaal vertellen. Of er schriftelijke bewijzen zijn. Controle is lang niet altijd mogelijk, en dan wordt het verhaal ingeleid door een zinnetje als: "Volgens familieoverlevering ů".
[Van] Bolhuizen waren (en zijn?) vaak wel, niet altijd, nette oppassende burgers. Het "over de doden niets dan goeds" gaat niet op voor een genealogie. En zoals ik zeg: een goede roofmoord is nooit weg, wanneer het maar lang genoeg geleden is. Wanneer we in de genealogie een lustmoordenaar tegenkomen die in 1700 leefde, is dat een verhaal dat de genealogie verlevendigt. Ik zal het onbekommerd publiceren. Maar als het je grootvader betreft ligt dat toch anders. Helaas heb ik die lustmoordenaar nog niet gevonden. Maar er is wel een ander aardig verhaal uit die tijd. Dat is iets voor een volgende nieuwsbrief.

Vragen en antwoorden
De nog openstaande vragen van de vorige keer staan nog steeds open:

Wie is de Bolhuis was die in de Tweede Wereldoorlog deel uitmaakte van een verzetsgroep die per radio informatie naar Londen doorgaf, werd gearresteerd en in Krefelt werd opgesloten?

Dhr G. Bolhuis en mw B.M. Buurmeijer wonen in 1994 in de Groningse wijk Lewenborg. Ze verzamelen o.m. tuinkabouters. Kan iemand hen plaatsen?

In Leiden vinden we in 1990 de automonteur Gert-Jan Bolhuis. In dat jaar doet hij mee in de eindselectie voor de Beroepen Olympiade 1991. Maar wie is Gert-Jan Bolhuis?

Er is ook weer een nieuwe vraag:
Ik kreeg een boekje, een toneelstuk in Gronings dialect: "Smokkeloar". Het stuk is na lezing natuurlijk direct opgeborgen bij mijn, gelukkig nog steeds groeiende, rij "Bolhuis-publicaties". De auteur is Onno Bolhuis. In het boekje wordt het jaar van uitgifte niet aangegeven, maar een aantekening op de kaft luidt: "Opgevoerd 24 Mrt '62". Natuurlijk heb ik nagekeken wie de auteur zou kunnen zijn en ik heb vier Onno's gevonden die passen, sterker ik heb een vrij sterk vermoeden om welke Onno het gaat, maar wil het natuurlijk zeker weten. Wie weet wie de ware Onno is?

Schiet het nog een beetje op?
De afgelopen periode is de voortgang bescheiden geweest omdat een aantal andere dingen mijn aandacht en tijd vroegen. Niet in de laatste plaats de verhuizing van twee van onze kinderen. Want ze mogen dan zelfstandig zijn, het is toch handig ouders achter de hand te hebben.
Veel tijd ging ook zitten in het bijwerken van het adressenmateriaal. Uiteraard handmatig. Aan de hand van de laatste telefoon CD. Van de 958 adressen die ik had blijken er 237 niet meer voor te komen in het telefoonboek. Wel vond ik 99 nieuwe adressen. Voor een deel zullen dat mensen zijn die verhuisden en dus eerder voorkwamen onder de 237 "verdwenenen". Maar een simpele aanduiding als K. Bolhuis is onvoldoende om vast te stellen of het dezelfde persoon is. Met het rondbellen kan ik verder gaan waar ik ben gebleven, maar moet nu ook de nieuwe adressen nabellen.
Over de Amsterdamse tak zijn veel achtergrond gegevens boven tafel gekomen, vergezeld van foto's. Het is een leuk geheel geworden, zeker goed voor een streekroman.

Jan van Bolhuis